작품 상세

*JAN VAN BEERS (1852-1927) Het lezen van de brief aan de rand van de vijver. Paneel (mahonie). Getekend 'Jan Van Beers'. Expo: Lier, Stedelijk Museum, 18.3.2016-5.3.2017, cat.nr.59, ill. Jan Van Beers (1852-1927) is de geschiedenis ingegaan als schilder van de Parijse beau monde. Nochtans start hij zijn loopbaan als historieschilder en bezit hij een groot talent voor portretten. Van Beers wordt in Lier geboren en groeit op in een artistiek milieu. Zijn vader is de bekende dichter Jan Van Beers sr., zijn moeder Hendrika Mertens, de dochter van de Antwerpse stadsbibliothecaris. Samen met studiegenoten van de Antwerpse academie onder wie Alexander Struys (1852-1941), Jef Lambeaux (1852-1908) en Piet Verhaert (1852-1908) vormt hij de ‘kliek van Beers’, een kleine vriendengroep die graag gekscheert en opvalt door zich als 17de-eeuwse kunstenaars te verkleden. Net als vele tijdgenoten trekt Van Beers na zijn academieopleiding naar Parijs. In het atelier van landgenoot Alfred Stevens (1823-1906) oogst hij veel succes met grote historische onderwerpen. Toch kiest hij vanaf 1880 voor genretaferelen. De gegoede Parijse burgerij houdt van zijn hyperrealistische schilderijen waarop fraai geklede dames staan afgebeeld. Zij worden vanaf 1880 zijn handelsmerk. De uiterst fijne factuur en het detailrealisme doen soms fotografisch aan. Sommigen verwijten hem een gebrek aan “sérieux”. Het deert hem niet. Van Beers en de fotografie Van Beers schilderijen worden in de pers vaak fel bediscussieerd. Hij komt meerdere malen in opspraak en wordt zelfs beschuldigd van fraude. Hoewel Van Beers beweert naar levend model te schilderen, wordt hij ervan verdacht om foto’s na te schilderen en zelfs te overschilderen, een praktijk die eind 19de eeuw absoluut niet door de beugel kan. Naar aanleiding van zijn inzending voor de Brusselse Salon van 1881 ontstaat een ware hetze. Zowel critici als kunstenaars verdringen zich voor het schilderij ‘La Sirène’, in de hoop een glimp op te vangen van een mogelijke fotografische onderlaag. Op een ochtend wordt het schilderij beschadigd aangetroffen. Van Beers daagt de critici voor de rechter en zelfzeker als hij is laat hij het beschadigde schilderij zelfs door experten onderzoeken. Een sluitend bewijs dat hij over een foto geschilderd heeft wordt niet gevonden … Het voorval geeft aanleiding tot heel wat commotie en leidt tot een proces dat Van Beers uiteindelijk verliest. “Qui expose s’expose”, zo luidt de laconieke uitspraak van de rechter, wie tentoonstelt moet met kritiek kunnen omgaan. Rond 1889 bereikt zijn carrière een hoogtepunt. Van Beers schuwt de controverse niet en komt meerdere malen in opspraak. Ondanks of mede door schandalen en rechtszaken wordt hij een beroemdheid en vergaart hij een fortuin. Zo kan hij in 1892 zijn eigen ‘hotel particulier’ bouwen dat hij samen met een bevriend architect Charles-Louis Lestrille ontwerpt. Hij beschrijft zijn woning als de ‘folie Van Beers’ en laat elke kamer in een andere stijl inrichten. Bron: Lier, Stedelijk Museum, 18.3.2016-5.3.2017, tent.cat. pp.22-30 80 x 69 *JAN VAN BEERS (1852-1927) La lecture de la lettre au bord de l'étang. Panneau (acajou). Signé 'Jan Van Beers'. Expo: Lier, Stedelijk Museum, 18.3.2016-5.3.2017, cat.nr. 59, ill. 80 x 69 *JAN VAN BEERS (1852-1927) Woman reading a letter at the pond. Panel (mahogany). Signed 'Jan Van Beers'. Expo: Lier, Stedelijk Museum, 18.3.2016-5.3.2017, cat.nr.59, ill. 80 x 69